Wildragout van everzwijn

Wildragout van everzwijn

Het traditionele wildseizoen loopt van 15 oktober tot het einde van het jaar. Wild wordt tegenwoordig dikwijls gekweekt, maar tussen 15 oktober en 31 december mag er gejaagd worden op ‘wild’ wild. Dat proef je ook. Het is soms wat taaier, heeft een typische geur en is voller van smaak dan het gekweekt wild. Het vlees is meestal vrij donker van kleur. Wild heeft altijd weer iets feestelijks. Het is niet moeilijk te bereiden, zorgt voor heerlijke geuren in de keuken en lekkere smaken op je bord.

Nodig: (4 pers)

500 – 600 g everzwijn (ragout of stoofvlees)

2 lepels olijfolie

1 grote ui

1 bokaal wildfond

3 eetlepels zilveruitjes

250 g champignons

1,5 eetlepel bloem

1 eetlepel jeneverbessen (gedroogd)

Tijm en laurier

Peper en zout

 

Bereiding:

  • Pel de ui en snijd klein.
  • Verwarm de olijfolie in een ruime pan en fruit de ui.
  • Voeg de blokjes vlees toe en bak ze goed aan. Draai het vlees regelmatig om tot alle zijden van de blokjes zijn aangebakken.
  • Strooi de bloem over het vlees, roer goed om tot deze volledig opgenomen is. De bloem zorgt voor een licht gebonden saus.
  • Giet de wildfond erbij, roer goed tot alle bloem is opgelost.
  • Voeg gedroogde jeneverbessen, tijm en laurier toe.
  • Breng aan de kook en laat ongeveer 2 uur sudderen.
  • Spoel de zilveruitje onder stromend water.
  • Wrijf de champignons schoon met een borsteltje. Snijd onderaan een stukje van de steel en snijd de champignons in 4.
  • Voeg de uitje en de champignons toe, laat nog 4 à 5 minuten mee sudderen.
  • Breng op smaak met peper en zout.