Wild: fazant

Wild: fazant

Het traditionele wildseizoen loopt van 15 oktober tot het einde van het jaar. Fazant is in dit seizoen makkelijk verkrijgbaar. Meestal worden ze gekweekt, want in het wild komen ze steeds minder voor. De meeste mensen kennen wel fazanten, misschien niet de vrouwtjes, want die zijn onopvallende bruin, maar wel de mannetjes, die hebben mooie rosbruine veren die goed opvallen. Fazant kan je kopen in filets. Kies je, zoals wij, een hele fazant die je gaat bereiden in de oven, dan is de smaak net iets intenser.

Nodig: (4 pers)

1 grote fazant

3 lepels olijfolie

3 sjalotten

4 kleine stoofappeltjes

1 pak veenbessen

zoetstof

1 pak/bussel boerenkool

1 koffielepel mosterd

Peper en zout

Bereiding:

  • Verwarm de oven voor op 200°C.
  • Kruid de fazant met peper en zout en plaats ze in een ovenschaal.
  • Pel de sjalotten. Snijd 2 sjalotten in 4 en leg ze bij in de ovenschaal.
  • Giet 2 eetlepels olijfolie over de fazant en zet in de voorverwarmde oven.
  • Schil de appeltjes, snijd ze doormidden en verwijder het klokhuis.
  • Neem een ovenschaal, schik ze hierin mooi naast elkaar en plaats eveneens in de oven.
  • Neem de veenbessen, spoel ze goed onder koud water en verwijder de slechte besjes.
  • Doe de veenbessen in een kookpot samen met 1 dl water.
  • Kook ze tot moes. Neem van het vuur en breng op smaak met zoetstof.
  • Maak ondertussen de boerenkool schoon, spoel grondig onder koud water.
  • Breng in een ruime kookpot water aan de kook en kook de kool hierin beetgaar. Giet af.
  • Snipper de overgebleven sjalot fijn.
  • Verwarm in een kookpot 1 eetlepel olijfolie en fruit hierin de sjalot.
  • Voeg de boerenkool toe samen met de mosterd. Stoof kort op en breng op smaak met peper en zout.
  • Neem de fazant uit de oven en verdeel in stukken.
  • Schik op een bord een stuk fazant, een appeltje met een koffielepel veenbessen en de gestoofde boerenkool.