Peultjes worden ook wel sluimererwten of mange tout genoemd. Het zijn platte en jonge peulen die je in zijn geheel opeet voor de erwtjes erin volgroeid zijn. Vandaar de Franse naam mange tout (eet alles op). Ze hebben een zachte en licht zoete smaak en door ze kort te koken of te wokken blijven ze frisgroen en knapperig. Vers zijn ze bij ons verkrijgbaar in de lente en de vroege zomer.
Nodig: (4 pers)
500 g peultjes
500 g erwtjes (vers of diepvries)
1 ui
2 eetlepels olijfolie
1 zakje of 120 g couscous (bij voorkeur volkoren)
Vers muntblaadjes (handvol)
Peper en (zout)
Bereiding:
- Pel de ui en snipper fijn.
- Kuis de peultjes, spoel ze en snijd in stukjes van 1,5 tot 2 cm.
- Verwarm 2 eetlepels olijfolie, fruit de ui en voeg de groenten toe. Stoof beetgaar.
- Breng ondertussen water aan de kook. Doe de couscous in een ruime kom en giet hierop het kokend water. Laat wellen. Volg hiervoor de aanwijzing op de verpakking.
- Neem de muntblaadjes en snipper fijn. Bewaar 2 mooie takjes voor de afwerking.
- Voeg de beetgare groenten en de munt bij de couscous. Breng op smaak met peper en weinig zout.
Lekker bij een stukje kip, kalkoen of ander mager vlees of vis. Je kan er ook kikkererwten, linzen of blokjes feta in verwerken, dan heb je een vegetarische versie.
